Terug naar Uitgaandepost

 

Aan:   de raad van de gemeente Tynaarlo; en

het college van de gemeente Tynaarlo

Kornoeljeplein 1

9481 AW Vries

 

 

 

 

 

Vries, 1 september 2008

 

Onderwerp: verbrandingsovens voor houtsnippers en biomassavergistingsinstallaties

 

 

 

Geachte raad, geacht college,

 

Al langere tijd heeft de fractie van Leefbaar Tynaarlo aandacht gevraagd voor eventuele alternatieve energiebronnen. Zo heeft de fractie van Leefbaar Tynaarlo al in 2005 (toen sprekende over een mogelijke biomassacentrale) de toen eerstverantwoordelijke wethouder - de heer J.H. Hilbrants - de alternatieve energieweg aangewezen. Op het moment dat het college de drie zwembaden ter discussie heeft gesteld, heeft het CDA, in de persoon van de heer L.M. Kremers, zich ten aanzien van het energievraagstuk naast Leefbaar Tynaarlo geschaard en de raad gewezen op de mogelijkheden voor het aanboren van alternatieve energiebronnen door verbranding van houtsnippers. Dit ten dienste van de zwembaden.

 

Het moet gezegd, de heer Kremers heeft op zeer prijzenswaardige manier ons op sleeptouw genomen en ons een kijkje in zijn familiebedrijf gegund. De verbrander van houtsnippers te Westervelde heeft dan ook grote indruk gemaakt en ons tegelijkertijd op de mogelijkheden gewezen die toepasbaar zijn in onze gemeente. Er vanuit gaande dat de gemeente Tynaarlo zelf de regie zou willen behouden over een alternatieve energievoorziening die zondermeer rendabel moet zijn.

 

Gesprekken met onder andere het ambtelijk apparaat en derden in de provincie, hebben ons gesterkt in onze overtuiging dat dergelijke alternatieve energievoorzieningen zeer wel mogelijk zijn.

 

We willen dan ook het college verzoeken om op korte termijn de nodige initiatieven en onderzoeken te initiëren ten behoeve van een verbrandingsoven voor houtsnippers en dergelijke nabij het zwembad te Vries (en mogelijk ook bij andere zwembaden of op andere plaatsen binnen onze gemeente) en hierover de raad in te lichten. Uiteraard behouden wij ons de mogelijkheid voor om zonodig zelf initiatieven te ontplooien.

 

De te leveren verwarming zou ten goede moeten komen voor: de nog te bouwen nieuwe brede school, de sporthal, het zwembad en eventueel de in dit gebied aanwezige bejaardencentra. Gezien de stichtingskosten en de snelle afschrijving (5 jaar) zou een verbrandingsoven zondermeer een gouden greep zijn.

 

Het lijkt ons raadzaam dergelijke mogelijkheden reeds in een vroeg stadium van een goede planologische onderbouwing te voorzien, en andere wettelijk vereiste stappen te nemen, zodat eventuele in de toekomst gerealiseerde woningnieuwbouw in dezen geen kink in de kabel zal leggen.

 

Tot zover ons standpunt over de mogelijke verbrandingsovens voor houtsnippers, die ons dus een goede mogelijkheid lijken, waarvan het zonde zou zijn deze onbenut te laten.

 

Een andere mogelijkheid om warmte en of energie op te wekken, wordt geboden door zogenoemde biomassavergistingsinstallaties (ook wel mestvergisters genoemd). Sommige agrarische ondernemers wekken daarmee hun eigen energie op. Als er, in samenwerking met de energiebedrijven (waar ook de gemeente aandeelhouder van is), zou worden gezorgd voor goede aansluitingen op het energienet, zou ook de samenleving als geheel ervan kunnen profiteren. Onze fractie is verwachtingsvol over de kansen die op dit gebied nog benut kunnen worden (in de toekomst zou bijvoorbeeld wellicht gedacht kunnen worden aan centrale vergistinginstallaties alwaar meerdere bedrijven hun “biomassa” zouden kunnen aanleveren, als de regelgeving dat zou toelaten of in de toekomst zal toelaten). Het bevorderen van de eigen (gedeeltelijke) zelfvoorzienendheid op het gebied van energie, zou - voor onze gemeente, omliggende gebieden, en eventueel het land als geheel - in het komende tijdgewricht bovendien wel eens geen overbodige luxe kunnen blijken.

 

Gezien het feit dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het nodig heeft gevonden om te oordelen dat biomassavergisting niet als agrarische (neven)activiteit (al naar gelang hoe dit is gedefinieerd) zouden kunnen worden aangemerkt (uitspraak 22 augustus 2007), zou het wellicht verstandig zijn om hier bij toekomstige bestemmingplannen voor agrarische gebieden rekening mee te houden, door dezen de bestemming “agrarische doeleinden / opwekken energie (voor eigen gebruik en leveren aan derden) met behulp van biomassavergistingsinstallaties en aansluiting daarvan op het energienet” te geven.

 

Voor nu wachten wij de hopelijk spoedige beantwoording van het college af. Ook zijn wij benieuwd naar de standpunten van de overige fracties in genoemde kwesties. Wij houden in overweging om hierover eens een algemeen energiedebat te doen houden in de raad.

 

Met vriendelijke groet,

 

Namens de raadsfractie van Leefbaar Tynaarlo/EVZ-2000,

 

 

 

C.H. Kloos, fractievoorzitter