Voor: Raad van 8 mei 2007
Leefbaar Tynaarlo/EVZ-2000
wijziging Algemene Plaatselijke Verordening ter verscherping verbod op
bespieding (initiatiefvoorstel)
Voorzitter,
Naar aanleiding van signalen binnen de samenleving heeft leefbaar Tynaarlo een initiatiefvoorstel geschreven met de bedoeling de APV van de gemeente Tynaarlo aan te passen. Vooraf willen we aangeven dat wij hetgeen nu in de huidige APV is geregeld, volledig in tact willen houden; het voorstel zal daaraan niet afdoen. Het gaat hier om enkele aanvullingen die wij willen toevoegen aan deze APV.
De reden hiervoor is dat derden, onder andere verzekeringsmaatschappijen, steeds vaker privé-detectives en onderzoeksteams en dergelijke inzetten om slachtoffers met letselschade te betrappen op fraude. Met verborgen camera’s en geheime observatieploegen proberen ze aan te tonen dat een slachtoffer van een ongeluk geen recht (meer) zou hebben op een schadevergoeding wegens het opgelopen letsel, of op een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Het heimelijk observeren, zelfs letterlijk vanuit de bosjes, staat op gespannen voet met het grondrecht, het mensenrecht zelfs, op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Voor mensen die het overkomt, is het meer dan verschrikkelijk, een tweede ramp na alle ellende die ze al hebben beleefd; zo zijn de signalen uit het veld[1]. Op de overheid rust de verantwoordelijkheid om actief de persoonlijke levenssfeer van diens burgers te beschermen[2].
Het dagenlang observeren en gevolgd worden door onderzoeksteams drukt zwaar op diegene die het overkomt. In recente artikelen in de media gaat het vooral om letselschade. We hebben het hier dus met name over letselschade en niet in het bijzonder over eventuele fraude met reisverzekeringen of bijstanduitkering. Ook daar is wel een en ander over te vertellen, maar dat later. Maar uiteraard is een bepaling in de APV algemeen gesteld. Bij letselschade moet de beoordeling overgelaten worden aan deskundige medici en niet aan een stelletje gluurders van een of ander vaag “bureau”! Achter de bosjes gaan liggen gluren in de hoop dat je mensen kan betrappen is een stap te ver! Iemand die werkelijk ziek is danwel letsel heeft en zeker niets heeft te verbergen heeft hier hinder van. Alsook uiteraard gezinsgenoten: het behoeft weinig voorstellingsvermogen om in te kunnen denken dat het diep inhakt op het gezinsleven. Schadeadvocaten en verzekeringsmaatschappijen doen er alles voor om onder een claim uit te komen. Ze drijven het slachtoffer in het nauw om onder een claim uit te komen of voor een appel en een ei af te kunnen kopen. Het is uiteraard zeer begrijpelijk dat ondernemingen hun voor hun vermogensbelangen op willen komen; maar dit kan geen rechtvaardiging zijn voor het veroorzaken van ernstige hinder en overlast; op een wijze die bovendien op gespannen voet staat met het beginsel dat het dwangmonopolie bij de overheid ligt. Leefbaar Tynaarlo is zeker de mening toegedaan dat fraude moet worden aangepakt, maar om daarvoor nou bij iemand in de bosjes te gaan liggen, gaat ons te ver.
We hebben dan ook het voorstel aan u om artikel 2.4.13, 2.4.14 en 2.4.15 aan te passen. Samengevat komt het dus hier op neer dat het is verboden om in de gemeente Tynaarlo in de bosjes te gaan liggen en foto’s, films of aantekeningen te maken op een manier die in strijd is met het recht op de persoonlijke levenssfeer en wel op een wijze die overlast en hinder teweegbrengt voor de burgers en voor de gemeenschap.
Inmiddels heeft onze raadsvoorzitter, burgemeester J. Rijpstra, de aftrap genomen op het debat in de raad, en wel, naar goede gewoonte, via de media[3]. De voorzitter geeft aan dat zeer gedetailleerd wordt geregeld wat wel en niet kan; dat hij denkt dat we dit soort zaken naar een hoger niveau moeten tillen; dat hij zich afvraagt of het Openbaar Ministerie de voorstellen wel uitvoerbaar zal vinden; en verder dat de regeldruk zou toenemen door de voorgestelde regels terwijl we juist bezig zijn die te verminderen. Onze dank voor dit commentaar: het geeft ons de kans de zaken nader te verhelderen.
Aangezien de regeling in de APV zal komen te staan, zal op overtreding ervan straf gesteld worden, als overtreding, gezien de algemene strafbepaling in de APV. Leefbaar Tynaarlo hecht hier aan, maar wijst er op dat een strafrechtelijk traject een uiterste middel is, een ultimum remedium. Als er andere middelen zijn om de zaak op te lossen verdienen die de voorkeur. Bijvoorbeeld - met de regels in de hand - in de civiele verhoudingen tussen betrokkenen of op toezichthoudend niveau. “Meneertje; waar zijn wij nou helemaal mee bezig daar in die bosjes. Zouden we niet even gauw maken dat we ons daar heel snel verwijderen, dank u wel alstublieft”. Eerst als dat geen soelaas biedt zou het Openbaar Ministerie om de hoek moeten komen kijken. Omdat een strafrechtelijk traject evenwel tot de mogelijkheden behoort, is het wel zeer van belang dat de wettelijke regel voldoende duidelijk is; dat duidelijk is omschreven welk gedrag er wel en niet onder valt. Dit noemt men het “Bestimmtheitsgebot”. Men weet dan waar men aan toe is, en een rekkelijke interpretatie van een vage regel is dan niet nodig. De essentie van de voorgestelde regeling is overigens in het geheel niet gecompliceerd. Wel zijn er wat uitgebreide bepalingen om het toepassingsbereik te regelen. Dit dient er juist met name voor om bepaalde - geoorloofde - gedragingen niet onder de verscherpte verbodsbepalingen te laten vallen. Vandaar de detaillering. Het Openbaar Ministerie, dat bekend verondersteld mag zijn met de grondbeginselen van strafrecht, zal hier in redelijkheid niet anders over kunnen oordelen. Bovendien is het niet aan het Openbaar Ministerie om regels te stellen; maar slechts om deze uit te voeren en te handhaven. Op de raad van deze gemeente rust de autonome bevoegdheid om de verordeningen te geven die deze in het belang van de gemeente - dus ook van de burgers - nodig acht.
Wat precies door de raadsvoorzitter werd bedoeld met “naar een hoger niveau tillen” is mij niet geheel helder; maar voorzover dat de detaillering betreft hebben we dat nu behandeld; en voorzover daarmee zou zijn aangegeven dat een hogere overheid het zou behoren op te pakken; kan ik aangeven dat dit mooi zou zijn; maar voorzover daar nog geen sprake van is en deze lacune in de regelgeving bestaat; niets de gemeentelijke overheid in de weg staat diens verantwoordelijkheid te nemen. Tot slot de regeldruk. Leefbaar Tynaarlo onderkent dat regels die weinig meerwaarde hebben maar veel inspanningen van burgers vergen, niet wenselijk zijn. Echter achten wij de voorgestelde regels zeer van belang. Bovendien zullen deze voor goedwillende burgers geen enkele verdere inspanning vergen. Het betreft verbodsbepalingen. Enkel door deze niet te overtreden voldoet men er aan. Van burgers wordt verder geen actieve inspanning gevraagd. Het betreft bovendien gedragingen waarvan mensen al wel op hun klompen kunnen aanvoelen dat het sowieso twijfelachtig is of deze in het maatschappelijk verkeer betamelijk zijn. De onrechtmatigheid wordt in feite alleen bevestigd, en sancties worden gesteld. De administratieve lasten voor burgers zullen daarom toch niet toenemen.
Wij hopen dat wij hiermee onze zaak helder hebben weergegeven en het belang duidelijk hebben gemaakt. Wij gaan uit van een constructief debat deze avond; waarbij de gedachten uitgaan naar de burgers die geconfronteerd worden met genoemde zaken.
[1] Mediaberichten waarnaar verwezen. Letselschadeadvocaat mr. G. Verkruisen, in: Dagblad van het Noorden, Drenthe-Noord, 10 maart 2007, p. 1 en 33.
[2] Actieve verantwoordelijkheid overheid ter bescherming persoonlijke levenssfeer. In internationaal verband o.a.: EHRM “Von Hannover vs. Duitsland”, 24 juni 2004 (inzake paparazzipraktijken).
[3] Bericht over initiatiefvoorstel en commentaar J. Rijpstra: Dagblad van het Noorden, Drenthe-Noord, 2 mei 2007, p. 7.