Terug naar voorblad

 

Aan de raad

van de gemeente Tynaarlo

Kornoeljeplein 1

9481 AW Vries

Vries, 26 november 2011

 Onderwerp: politieke situatie in de gemeente Tynaarlo

 Geachte collega’s,

 De politieke en bestuurlijke crisis waarin onze gemeente is gedompeld, begint steeds zorgwekkender vormen aan te nemen. Na de e-mail van de heer G. Pieters (VVD) aan de heer J. Talens (PvdA) over het niet doorgaan van de afspraak om over de problematiek te praten, kan geconcludeerd worden dat het vertrouwen in elkaars integriteit niet is toegenomen. En gelet op de open brief welke de heer J. Talens hedenochtend aan ons heeft doen toekomen, valt niet te verwachten dat de Commissaris van de Koningin reeds maandag aanstaande kan worden verblijd met de mededeling dat de bestuurscrisis in onze gemeente is opgelost.

 Alles overziende is Leefbaar Tynaarlo van mening dat het gezond verstand weer de overhand moet krijgen en dat de gerezen problemen bij de wortels dienen te worden aangepakt. Het wordt tijd dat wij ons als raadsleden niet langer blindstaren op de verschillende beleidsinzichten binnen het bestaande (demissionaire) dan wel het te vormen nieuwe college en het door deze op te stellen collegeprogramma. Onzes inziens wordt het tijd dat de raad zelf het heft in handen neemt.

 Leefbaar Tynaarlo vindt dan ook dat het tijd wordt dat de raad een raadsprogramma opstelt. De raad kan daarmee diens positie als hoogste bestuursorgaan en hoofd van de gemeente waarmaken. Daarmee zouden wij niets te vroeg zijn. Immers, de Wet dualisering gemeentebestuur is op 7 maart 2002 ingevoerd. Sinds de invoering van deze wet zijn de rollen, taken en positie van de raad en het college gescheiden. De gemeenteraad kreeg met de Wet dualisering gemeentebestuur kaderstellende en controlerende taken. De in de gemeentewet opgenomen - uitvoerende - bestuursbevoegdheden zijn het bij college geconcentreerd. In de gemeenteraad van Tynaarlo overheerst echter nog steeds het monistische gedachtegoed. Dat deze twee stromingen een keer zouden gaan botsen was voorspelbaar.

 In feite zijn de huidige problemen ontstaan, doordat het college min of meer de rol van de raad, deels op zich nam, door de beleidsinhoudelijke discussies welke binnen de raad dienen te worden gevoerd (in het kader van de kaderstellende functie van de raad) aan zich te trekken en binnen het college te willen voeren. In de tijd van het monisme was dit ook de gebruikelijke gang van zaken: binnen het college was de besluitvorming “voorgekookt” en de raad behoefde het besluit slechts te accorderen. In het dualistische stelsel behoort het uitzetten van de politieke lijn, en het maken van de belangrijkste beleidskeuzes, evenwel aan de raad te worden overgelaten, waarna het college aan de slag kan om dit uit te voeren. In politiek Tynaarlo lukte het echter veelal niet om deze omslag te maken, en wisten raad en college zich - zelf na bijna tien jaar dualisme - niet te schikken in hun nieuwe rol.

 De raad van Tynaarlo kent als uitvloeisel daarvan nog steeds de figuur van oppositie en coalitie. Noch de Grondwet noch de gemeentewet kennen immers de figuur van oppositie en coalitie. Leefbaar Tynaarlo is van mening dat aan die ingesleten gewoonte binnen onze raad direct een einde dient te worden gemaakt. De positie van de raad wordt alleen maar verzwakt ten opzicht van het college. Immers wordt bij de politieke besluitvorming het om de lieve vrede behouden van de coalitie veelal van groter belang geacht dan de politieke inhoud van de onderwerpen waarover beslist dient te worden. Als een fractie of raadslid in voorkomend geval - conform diens wettelijke verplichting om zonder last te stemmen - wel naar eigen beste inzichten het algemeen belang behartigt, dreigt meteen een bestuurscrisis. Dat dit niet goed kon blijven gaan laat zich raden, en is met de huidige bestuurscrisis ook pijnlijk duidelijk geworden. Beter is het dus als de raadsleden - zonder vooraf gebonden te zijn - in openheid het debat aangaan om te bespreken wat het beste is voor onze gemeente, waarna het college aan de slag kan gaan met de uitgangspunten die door de raad als uitkomst van het debat zijn vastgesteld.

 Kort en goed is het aan de raad om de hoofdlijnen van het beleid te bepalen, en daarin dus de politieke richting aan te geven (zoals middels het genoemde raadsprogramma). Het is vervolgens aan het college om uitvoering te geven aan hetgeen de raad bepaalt. Het college kan daartoe dan de bestuursbevoegdheden zoals deze in de Gemeentewet zijn opgenomen aanwenden. Vooral het woord “uitvoeren” is hierbij dus van toepassing: het beleid van de raad uitvoeren. Vervolgens is het de taak van de raad om te controleren of het college de door de raad vastgestelde kaders correct uitvoert. Als raad en college zich aan deze rolverdeling houden, zouden problemen zoals die welke tot de huidige crisis hebben geleid niet meer hoeven voor te komen. Immers behoeven er dan niet meer allerlei beleidsinhoudelijke discussies in het college plaats te vinden: deze zijn dan immers al gevoerd in de raad.

 Verder is Leefbaar Tynaarlo van mening dat het voor Tynaarlo goed zou zijn als er tot de komende verkiezingen een afspiegelingscollege zou worden gevormd in plaats van een programmacollege. Dit afspiegelingscollege dient dan het raadsprogramma uit te voeren.

 De fractie van Leefbaar Tynaarlo roept alle overige raadsleden op om met ons hierover van gedachten te wisselen en gezamenlijk de schouders er onder te zetten.

 Met vriendelijke groeten,

namens de fractie van Leefbaar Tynaarlo/EVZ-2000,

 C.H. Kloos

fractievoorzitter

 

 

CC: de Commissaris van de Koningin in de Provincie Drenthe